Eén van de wielerhelden in ons land is ongetwijfeld de ondertussen 43-jarige Tom Boonen. Van 2002 tot 2017 was de Mollenaar beroepsrenner. In die 15 jaar rijgde hij de overwinningen aan elkaar. Toen hij in 2017 besloot om zijn fiets aan de haak te hangen stond de teller op 125 overwinningen.
Op 21-jarige leeftijd staat de jonge Boonen op de deur te kloppen bij de profs. Al moet hij nog even geduld hebben en het seizoen bij de beloften afwerken. Geen grote opdracht, want in het jaar 2001 wordt hij Belgisch kampioen, wordt hij tweede in Luik-Bastenaken-Luik voor beloften en vierde in Parijs-Roubaix. Boonen bleef altijd met de voeten op de grond en het is pas na zijn vierde plaats in Parijs-Roubaix dat hij begint te dromen: “Zou het dan toch lukken om prof te worden?”. De Amerikaanse profploeg US Postal dat in Mol op de voordeur komt kloppen met in de hand een contract voor het komende seizoen. De neoprof kan over zijn seizoenstart niet klagen. Hij wordt zevende in Kuurne-Brussel-Kuurne, zevende in het algemene klassement in de Driedaagse De Panne-Koksijde. Bij zijn debuut in de Ronde van Vlaanderen rijdt hij naar een 24ste plaats en ook in Gent-Wevelgem weet Boonen te overtuigen met een zevende plaats.
Het debuut van Tom Boonen in Parijs-Roubaix wenkt en het geloof in zichzelf is groot: “De avond voor Roubaix vroeg ik aan ploegleider Dirk Demol of ik niet voor mijn eigen rekening mocht gaan. ‘Nee’ was het verdict, ik werd als neoprof gehaald om in dienst te rijden van de Amerikaan George Hincapie. Maar dat hield Demol niet tegen om mij nog goede raad toe te fluisteren. De editie van 2002 beloofde één te worden met veel wind en waaiers. Anticiperen en vooraan zitten was de boodschap.” Dat is ook wat Tom Boonen beslist te doen op 14 april van dat jaar. In de openingsfase kiest hij het hazenpad en zit in de spreekwoordelijke zetel voor de rest van de wedstrijd. Een vermoeide Hincapie komt in volle finale met een elitegroepje aansluiten bij de kopgroep waar een beresterke Boonen nog geen trap te veel heeft gegeven. Johan Museeuw wint voor een derde keer Parijs-Roubaix, maar voor één keer speelt de winnaar een figurantenrol. De wielerwereld heeft kennisgemaakt met Tom Boonen. Een teleurgestelde Hincapie wordt zesde.
In zijn eerste jaar wint Boonen twee wedstrijden, maar zijn team US Postal wacht te lang om zijn contract te verlengen en daar staat Quick-Step-Davitamon klaar als eerste kaper op de kust, het latere Soudal-Quick-Step. Hij zal de ploeg trouw blijven tot aan zijn pensioen in 2017. De ploeg van Patrick Lefevere haalt Boonen met het oog op de toekomst. In zijn eerste jaar in Belgische loondienst sukkelt hij van de ene blessure in de andere. In 2004 toont Boonen wat hij waard is en behaalt negentien overwinningen dat jaar, waaronder klassiekers als de E3 Prijs Harelbeke, Gent-Wevelgem, Scheldeprijs en twee etappes in de Ronde van Frankrijk.
2005 moest en zou het jaar worden van Boonen: “In 2005 win ik mijn eerste Ronde van Vlaanderen en mijn eerste Parijs-Roubaix. Als ik terugkijk is mijn eerste overwinning in de Ronde mijn mooiste monument. Ik was jong, de upcoming man en ik had het totaal niet verwacht. Alles viel die dag op zijn plaats. Ik werd door Lefevere aangetrokken als opvolger van Museeuw, die zou stoppen in 2004. Om dan in mijn eerste jaar de Ronde en Roubaix te winnen was heel speciaal. In die Ronde zaten we in de finale met een paar andere kanshebbers en werd er meerdere keren gedemarreerd. Op de Bosberg zag ik mijn kans en kon ik wegrijden van de rest. Het was onder de ‘Rode Vod’ dat ik besefte wat ik aan het doen was, mijn ouders stonden langs de kant op één kilometer van de finish en om ze daar snel in de ogen te kijken was voor mij een heel speciaal moment.” Naast de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix wint Boonen dat jaar nog de E3 Prijs Harelbeke, het algemeen klassement en twee ritten in de Ronde van België en twee ritten in de Tour de France waar hij ook op weg leek om de sprinterstrui te winnen, maar verschillende valpartijen halen hem uit de wedstrijd. Boonen was nog niet klaar met 2005 en 2005 was nog niet klaar met Boonen. Eind september staat de laatste koers op de planning. Het WK 2005. ‘Tommeke, Tommeke, Tommeke, wat doe je nu?’ de vraag die negentien jaar later nog gekend is in alle Vlaamse huiskamers. ‘Tommeke’ Boonen wint het WK wielrennen in Madrid voor een Spanjaard, Alejandro Valverde nota bene.
De upcoming man was opeens de grote topfavoriet geworden. Boonen mag in 2006 in de wereldkampioenentrui rondrijden. Anoniem in het peloton rijden zit er dan niet meer in voor de 26-jarige Mollenaar. Anoniem zal hij zeker niet blijven. Boonen wint voor het derde jaar op rij de E3 Prijs Harelbeke en ook de Ronde van Vlaanderen schrijft hij opnieuw op zijn palmares: “Om als Vlaming in de wereldkampioenentrui voor het tweede jaar op rij en met het rugnummer 1 de Ronde te winnen is extra speciaal. Om de Ronde te winnen, moeten al veel puzzelstukjes samenvallen, maar de combinatie van die trui, dat rugnummer en die koers voor een tweede keer op rij te winnen dan moeten heel veel puzzelstukjes samenvallen. Dat geluk had ik.”
Na de succesjaren 2005 en 2006 moet Boonen twee jaar wachten op zijn volgende ‘monument’. Hij wint Parijs-Roubaix 2008 na een elitesprint met zijn rivaal Fabian Cancellara en Alessandro Ballan. Het jaar nadien in 2009 wint Boonen na een solo van 15 kilometer zijn derde ‘kassei’.
Boonen blijft in al de jaren daarna winnen, maar echte grote wedstrijden schrijft hij niet meer op zijn palmares daarvoor is het wachten op zijn volgende succesjaar 2012. In dat jaar valt een bom in de wielerwereld. De Ronde van Vlaanderen zal vanaf dan niet meer finishen in Merelbeke, maar in Oudenaarde. Niet alleen de finish wordt aangepast, maar ook de finale krijgt een nieuw jasje. De weken en maanden voor de ‘Hoogmis’ is het nieuwe parcours het middelpunt van de aandacht. Volgens sommigen zal de Ronde niet meer zijn dan een ‘veredeld criterium’. “Ik heb altijd gezegd parcours is parcours. We krijgen maanden op voorhand de route en die moet je volgen zo simpel is het”, aldus Boonen die zijn zinnen gezet heeft op de Ronde. “Het oude parcours was veel tactischer dan het nieuwe, outsiders of onbekende renners waar je vooraf geen rekening mee houdt, konden voor een verassing zorgen. Het nieuwe parcours is zo lastig dat de grote favorieten altijd in de top-5 eindigen. Of het parcours mij in 2012 beter lag of niet, maakt op zich niet zoveel uit. De koers is zodanig lastig dat enkel de beste op het einde overblijven. Voor de aanpassing zag je soms een klein peloton strijden voor de overwinning. Dat hebben we sinds 2012 toch niet meer gezien. Dat ik die koers win was voor de organisatie en een groot deel van Vlaanderen een grote opluchting. Na de finish werd een jongen in beeld genomen in een grasveld langs de weg waar de finish was. Het beeld staat op mijn netvlies gebrand. Op dat moment doet dat wel iets met een mens.” De 12-jarige Tjörven Cleenewerck die na de finish in een grasveld op zijn knieën valt, zal het iconische beeld blijven van de Ronde van Vlaanderen 2012.
Opnieuw kan Tom Boonen de ‘dubbel’ Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix voltooien. Zeven jaar na zijn eerste triomf in 2005 doet hij dat nummertje opnieuw in 2012. In Parijs-Roubaix is hij met vier zeges mede-recordhouder.
Tom Boonen en Milaan-San Remo waren niet bestemd voor elkaar. “In mijn eerste profjaren moest ik vaak knechten voor de Italiaanse sprinters binnen Quick-Step Davitamon. Zij waren samen met Lefevere overgekomen van de Mapei-ploeg en voor een Italiaan is ‘La Primavera’ wat de Ronde van Vlaanderen voor een Vlaming is. Later in mijn carrière stond het monument wel met stip aangeduid, maar nooit vielen de puzzelstukjes in elkaar zoals in Vlaanderen of Roubaix, nooit had ik ook de overtuiging om San Remo te winnen. In de Ronde of Roubaix had ik dat wel”, aldus Boonen. Over de editie van 2013 kan je een boek schrijven. ‘La Primavera’, of in het Nederlands de lente, van dat jaar zal een koers worden waarin de renners alle weerselementen meemaakten, behalve de zon. De editie wordt gekleurd door regen, hagel en sneeuw. Na 180km houdt het peloton halt. Een uniek moment vertelt Boonen: “Het was de eerste keer dat renners voor zichzelf opkwamen. Alleen viel de beslissing veel te laat. We hadden op dat moment wel al meer dan vier uur op de fiets gezeten. Ik heb die dag renners zien wenen van de kou, nooit eerder had ik zoiets gezien. De koers werd stil gelegd. Collectief hadden we besloten om niet meer verder te rijden. We kropen snel onder de douche in de ploegbussen, sommige ploegmaats hadden zelfs frostbite aan hun tenen. Toen kwam de organisatie doodleuk met het idee om met de bussen naar de kustlijn te rijden en vanaf daar de koers te hervatten. De Cipressa en de Poggio waren uit het parcours gehaald en de koers zou nog 120km verder rijden. Sprinters en renners die moesten knechten voor hun sprinter zijn op dat moment overstag gegaan. Zij zagen hun kans om te winnen toenemen en hebben dan besloten verder te koersen. Ik vond het onverantwoord en ben daarom ook in de ploegbus gebleven. Ik heb me die keuze nooit beklaagd, want veel renners die de koers uitreden, heb ik dat jaar geen enkele keer meer in de finale van een wedstrijd terug gezien. Ze hadden hun lichaam helemaal kapot gereden en die prijs hebben ze de rest van het seizoen betaald.”
Het parcours van een wielrenner is letterlijk met vallen en opstaan. Ook Boonen kreeg in zijn profcarrière geregeld te maken met teleurstellingen door een valpartij. In de Abu Dhabi Tour van 2015 valt Boonen in de tweede etappe. Het verdict een schedelbreuk van vijftien centimeter ter hoogte van het linkerslaapbeen. Een rustige winter kan Boonen op dat moment uit zijn hoofd zetten. Het zal een race tegen de klok worden om fit aan de start van het seizoen 2016 te staan, vertelt Boonen: “Na mijn val gaven de dokters mij zes maanden voor ik terug mocht fietsen. Mijn doel Parijs-Roubaix was zes maanden later. Ik heb die winter enorm hard afgezien. Tijdens mijn revalidatie en het fietsen had ik telkens last van enorme hoofdpijn. In het voorjaar had ik geen platte prijs gereden, maar zoals wel vaker vielen alle puzzelstukjes in elkaar tijdens Parijs-Roubaix, of toch ze allemaal behalve die ene.” In de editie van Parijs-Roubaix 2016 rijdt Boonen samen met Matthew Hayman naar de piste in Roubaix. Die laatste zat in de vroege vlucht en vol door zonder rekening te houden met Boonen die in zijn wiel zat. “Tijdens de wedstrijd had ik alles geanalyseerd, ik wist wie waar zat en kon mij opmaken voor de sprint tegen Hayman. We reden met twee weg en Hayman nam vol over, zonder rekening te houden dat hij met mij naar de streep reed. Op papier ben ik altijd de snelste in een sprint. Hij reed voor een podium, niet voor de overwinning. Wanneer we aankomen op de piste hebben we een kleine voorsprong op de eerste achtervolgers. Op de piste komen Vanmarcke, Stannard en Boasson Hagen aansluiten. Ik rijd op kop op een halve ronde van de finish en op het moment dat Hayman aangaat komt Vanmarcke naast mij waardoor ik ingesloten geraak. Ik kan pas laat beginnen aan mijn sprint, maar de vogel was gaan vliegen. Ik heb twee seconden spijt gehad, maar ik was vooral blij dat ik nog leefde en nog kon fietsen”, vertelt Boonen over die editie. Als ‘Tommeke’ die dag won, kon hij alleen recordhouder worden in Parijs-Roubaix met vier overwinningen, maar daar stak de Australiër dus een fiets voor, maar desondanks de teleurstelling is het volgens Boonen zijn meest memorabele Parijs-Roubaix: “Ik heb een half jaar lang afgezien en tegen alle wetten van de geneeskunde en het wielrennen in een heel straffe prestatie neergezet. Achteraf is het bijzonder jammer, maar dat ik de finish kon bereiken van die Parijs-Roubaix was een uniek moment.”
Boonen kiest om in het jaar 2017 op wielerpensioen te gaan op 9 april in ‘zijn’ Parijs-Roubaix. De beslissing om dan te stoppen deelt Boonen al mee voor het seizoen startte. Iets waar hij later spijt van heeft: “Ik heb die laatste Roubaix gereden met de overtuiging dat ik kon winnen. Achteraf heb ik spijt dat ik het aangekondigd had, of ik had misschien moeten stoppen op het einde van het seizoen. Nu kwam er heel veel media-aandacht rond mij, vóór zo’n belangrijke wedstrijd.”
Zeven jaar na zijn wielerpensioen is de Mollenaar nog altijd een gekend gezicht in Vlaanderen en bij uitbreiding de hele wielerwereld. Na zijn carrière besliste Boonen om even uit het wielrennen te stappen en zijn horizonten te verleggen, naar de Rally: “Ik heb bewust gekozen om een stap achteruit te doen. Mijn gezin is voor mij heel belangrijk en daarom heb ik die keuze ook gemaakt. Met de rally ben ik maximum 50 dagen per jaar van huis. Stel dat ik ploegleider zou ben dan zijn dat al snel weer 180 dagen per jaar. Voorlopig heb ik ook mijn rol als analist één keer per week en dat vind ik ook heel leuk om te doen. Het moet niet altijd serieus zijn en het is dicht bij huis.” Een terugkeer naar het wielrennen sluit Boonen niet uit, maar alleen als hij 100% gemotiveerd is.
Boonen kan met een goed gevuld palmares terugkijken op zijn wielercarrière. Na vijftien jaar prof te zijn, zijn er ook ongetwijfeld dingen waar een renner spijt van heeft, ook Boonen: “Nooit heb ik Luik-Bastenaken-Luik of Il Lombardia gereden. Dat was niet altijd een persoonlijke keuze. Achteraf heb ik spijt dat ik nooit gestart ben in beide koersen. Het zijn twee monumenten en twee heel lastige wedstrijden, ik zeg niet dat ik beide had kunnen winnen, maar ik zou er zeker mijn vel duur verkopen. Nog iets waar ik spijt van heb gehad is dat ik altijd alles kapot heb gerelativeerd. Ik probeerde een flatline in mijn emoties te krijgen waardoor ik niet teveel hoge pieken en diepe dalen kende. Het zorgde er ook voor dat ik niet altijd ten volle kon genieten van mijn overwinningen.”
De invloed van Boonen op Vlaanderen is enorm. Het jongetje dat daarstraks werd aangehaald tijdens de Ronde van 2012 begon met wielrennen dankzij Boonen. Niet alleen jonge mensen raakten gemotiveerd door ‘Tommeke’: “Als prof ben je niet zo vaak bezig met randzaken, vooral met trainen en over elk pijntje dat je voelt maak je je zorgen. Nu kom ik geregeld mensen tegen die duizenden kilometers fietsen voor het goede doel dankzij mij. Ik heb een invloed gehad op veel mensen, maar dat heb ik nooit door gehad. Ik heb nu meer tijd om naar verhalen te luisteren van wielertoeristen, maar ook van gewone mensen die hun leven terug op de rails hebben genomen, dankzij mijn prestaties. Ik vind dat een heel mooi compliment dat ik door wedstrijden te rijden zo’n dingen kan verwezenlijken.”Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit. Ut elit tellus, luctus nec ullamcorper mattis, pulvinar dapibus leo.

